Is een elektrische auto alleen betaalbaar voor elite?

Elektrische auto, Tesla
Beeld: Pixabay

Elektrisch rijden is veel beter voor het milieu. Al na een paar duizend kilometer is de voetafdruk van de batterij kleiner dan die van benzine of diesel. Toch rijden er nog maar weinig elektrische auto’s rond in Nederland. Hoe kan dat? Zijn ze te duur? Is de elektrische auto alleen voor de rijke mensen, de elite, de grootverdieners? Of zit het toch anders?

Ze vallen nogal op, die Tesla’s op de snelwegen. Dure auto’s, helemaal elektrisch, snel – de droom van elke milieubewuste autorijder. Maar er klinkt ook kritiek op het groeiende aantal elektrische auto’s in Nederland. Zo zouden zulke voertuigen alleen terechtkomen bij de elite: grootverdieners, mensen die toch al tonnen per jaar verdienen. En dan profiteren ze ook nog eens van de subsidies die de overheid in de loop der jaren instelde voor elektrisch (of hybride) rijden.

Kloppen die gevoelens? Laten we eerst eens kijken hoeveel elektrische auto’s er precies zijn. Volgens de Rijksdienst voor Ondernemen reden er in juli 2020 126.425 batterij-elektrische personenauto’s rond op de Nederlandse wegen. Dat is iets minder dan 2 procent van het totaal aantal personenauto’s. De Tesla Model 3 (kosten: rond de 50.000 euro) en Model S (rond de 90.000 euro) komen het vaakst voor. En de verkoop groeit: 16 procent van de nieuw verkochte auto’s is elektrisch.

Lees ook: Elektrisch rijden is bijna overal goed voor het milieu

Elektrische leasewagens

Het overgrote deel van deze auto’s is ‘van de zaak’. Uit een onderzoek van de Vereniging Elektrisch Rijders onder 1.800 elektrische rijders bleek dat 73 procent de elektrische auto zakelijk kocht of leasde. Dat zijn bijna allemaal nieuwe auto’s; slechts een paar procent van de zakelijke rijders heeft een tweedehandsje. Dat geldt overigens voor de hele automarkt: van de 400.000 nieuwe auto’s komt de helft in de zakelijke markt terecht. Bij de minderheid van elektrische privérijders zit dat heel anders; daar is 50 procent tweedehands. Dat is in vergelijking met benzine- en dieselauto’s erg weinig: in de particuliere automarkt is ruim 80 procent tweedehands.

De ‘gewone man’ rijdt dus in een tweedehands auto. Ondertussen zijn leaseauto’s alleen weggelegd voor hogere salarissen. Data van het CBS laat zien dat huishoudens met een inkomen onder de 30.000 euro (het landelijk gemiddelde, hoewel het modale inkomen hoger ligt) maar in 5 procent van de gevallen een leaseauto hebben. Inkomens boven de 50.000 hebben in bijna 20 procent van de gevallen een leasewagen. De meest recente data hierover komt uit 2010, sinds de financiële crisis zijn werkgevers alleen maar minder leaseauto’s gaan geven.

Tesla van 100.000 euro

Kortom: het is waarschijnlijk dat de hogere inkomens veel vaker een elektrische auto hebben en kunnen betalen. Maar er is een belangrijker euvel, denkt de Vereniging Elektrische Rijders (VER). De tweedehandsmarkt is voorlopig nog klein, en dat zorgt ervoor dat particulieren weinig elektrische auto’s kopen. Terwijl er wel interesse is; dat blijkt wel, als je kijkt naar de 4.000 euro aanschafsubsidie en hoe snel deze ‘op’ was. “Er moeten eerst meer betaalbare elektrische occasions op de markt komen”, vertelt Maarten van Biezen, bestuurslid bij de VER.

Klik hier voor het hele artikel

Bron: Duurzaam bedrijfsleven, Marc Seijlhouwer